Advies ex-laaggeletterde: niet helpen maar doorvragen

Gepubliceerd op: 16 september 2019 10:04

Hoe je een laaggeletterde het beste helpt? Door niet steeds te hulp te schieten als iemand zijn bril is vergeten of even geen tijd heeft om een formulier in te vullen. Maar vraag eens door, durf te vragen of iemand problemen heeft met taal. Dat is het verrassende advies van Dirk Jan Scharrenburg, ex-laaggeletterde en spreker op het symposium Laaggeletterdheid in Heerde.

De 60 bezoekers van het door de Bibliotheek Noord-Veluwe en de gemeenten Elburg, Epe, Hattem, Heerde en Oldebroek georganiseerde symposium vertegenwoordigden verschillende beroepsgroepen, zoals welzijn, gemeente, vluchtelingencontact, CJG, zorg, taalvrijwilligers, docenten en bibliotheek. Het symposium was voor iedereen die op het werk of privé laaggeletterden tegenkomt.

Bibliotheekdirecteur Hetty van de Weg opende het symposium, dat werd gehouden ter gelegenheid van de Week van de Alfabetisering. Tijdens deze week wordt aandacht gevraagd voor de 2,5 miljoen laaggeletterden in Nederland. Van de Weg riep de aanwezigen op “Durf het verschil te maken, durf laaggeletterden te enthousiasmeren om hun laaggeletterdheid aan te pakken”.

Rayon coördinator Cherif Ait Abderrahman van Stichting Lezen & Schrijven vertelde de aanwezigen dat het moeilijk is om laaggeletterden met Nederlands als eerste taal, NT1-ers genoemd, te vinden. NT1-ers zijn heel slim in het verbergen van hun laaggeletterdheid. Maar laaggeletterden kunnen zich vaak niet zelfstandig staande houden in de maatschappij. Daarbij gaat het om taal, rekenen en computeren, de basisvaardigheden die nodig zijn om jezelf te kunnen redden.

Ait Abderrahman vroeg Scharrenburg hoe hij zich bewust werd van zijn laaggeletterdheid.
Scharrenburg viel op twaalfjarige leeftijd tussen wal en schip door de scheiding van zijn ouders. Toen hij als volwassene zijn leven op de rit had besloot hij op zijn werk door te leren. Maar het lukte hem maar niet om de examens te halen. Scharrenburg besefte “dat hij iets te kort kwam met taal”. Gelukkig bleken er op zijn werk mogelijkheden om zijn laaggeletterdheid aan te pakken. Sinds 3 jaar gaat hij weer naar school en volgt taallessen. Scharrenburg is taalambassadeur, zoals ex-laaggeletterden genoemd worden die zich inzetten om laaggeletterdheid bespreekbaar te maken en te bestrijden. In die hoedanigheid is hij deze week uitgeroepen tot Taalheld van de provincie Utrecht.
Op de vraag hoe je laaggeletterden kunt helpen kwam het verrassende antwoord: “Wees niet te hulpvaardig, maar vraag door. Win het vertrouwen van de laaggeletterde en ga met respect met elkaar om”. Het aanpakken van zijn laaggeletterdheid heeft Scharrenburg veel opgeleverd. “Ik ben opener geworden, positiever en heb het gevoel dat ik de hele wereld aankan.”

Jolanda Walhout, docent NT2, voor mensen met Nederlands als tweede taal, liet de aanwezigen ervaren hoe het is om laaggeletterd te zijn en een taal niet te begrijpen. Ze sprak de zaal toe in het Kameroens. Door woorden te herhalen en uit te beelden (opstaan, lopen, zitten) leerden de aanwezigen een paar woorden. Hierdoor werd meteen duidelijk hoe lastig het is om een taal te leren, zeker als er onbekende klanken in zitten. Een taal leren begint met luisteren, herhalen, onthouden, begrijpen en de moeilijkste stap is om een taal zelf te spreken. Na het leren van woorden komt het leren van zinnen en begrip van de cultuur.
Bezoekers vonden het symposium interessant “Het opvallendste vond ik dat je mensen kunt helpen door ze niet te helpen, maar zelf te beseffen dat ze misschien moeite hebben met taal, die bewustwording is voor mij heel belangrijk” aldus een van de bezoekers.